Voortgangsrapporten EU

29 oktober 2009

Op 14 oktober kwam Brussel met de jaarlijkse voortgangsrapporten over landen die lid willen worden van de EU. De EU lijkt steeds meer voor een “tailor-made” uitbreidingsbeleid te kiezen. De Europese Commissie is positief over de vorderingen die Macedonië en Kroatië maken op weg naar ‘Europa’. Turkije krijgt wederom forse kritiek.

 

 

Door Sara Schreuder, Stagiaire bij de Alfred Mozer Stichting/ European Forum for Democracy and Solidarity

Elk jaar publiceert de Europese Commissie rapporten over mogelijke nieuwe lidstaten van de EU. De uitkomst van de rapporten bepaalt of de gesprekken over toetreding worden versneld of vertraagd. Op dit moment zijn Kroatië, Turkije en Macedonië benoemd als kandidaat-lidstaten, terwijl Servië, Albanië, Montenegro, Bosnië en Herzegovina, Kosovo en IJsland als potentiële kandidaat-lidstaten worden beschouwd.

Kroatië
Deze kandidaat is dichtbij EU-lidmaatschap, hoewel het eerst nog wel beter moet gaan samenwerken met het Joegoslavië-tribunaal, de rechtspraak verder moet hervormen en de rechten van minderheden beter moet beschermen. Volgens de Commissie zouden in 2010 de toetredingsonderhandelingen klaar kunnen zijn. Van alle kandidaat-lidstaten is Kroatië het enige land dat de politieke toezegging heeft gekregen uiteindelijk tot de EU te kunnen toetreden, zelfs als het Verdrag van Lissabon niet geratificeerd wordt.

Turkije
De Commissie is positief over Turkije omdat het een stabiliserende rol speelt in de Kaukasus en zich inspant voor vrede in het Midden Oosten. Daarnaast is er echter ook forse kritiek op de persvrijheid, de vrijheid van meningsuiting en religie, en de rechten van vrouwen. Bovendien heeft Turkije nog te weinig ondernomen om de relatie met buurland Cyprus te verbeteren en de rechten van de Koerden te beschermen.

Macedonië
Het land Macedonië heeft veel positieve ontwikkelingen laten zien: de democratie functioneert, er wordt gewerkt aan de opbouw van een rechtstaat waardoor fundamentele rechten worden gegarandeerd en de presidentiële- en lokale verkiezingen van dit jaar verliepen goed. De Commissie beveelt daarom ook aan om de toetredingsonderhandelingen met Macedonië te beginnen. Het enige probleem dat vóór het openen van toetredingsonderhandelingen moet worden opgelost, is de naamkwestie van het land. Officieel heet het nu nog ‘Voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië’. Griekenland verzet zich tegen de naam ‘Macedonië’, omdat het vreest dat het land aanspraak zal maken op het gelijknamige deel van Griekenland. 

Servië
Volgens de Commissie heeft Servië, een laatkomer in het EU-toetredingsproces, bewezen echt bij de EU te willen horen. De samenwerking met het Joegoslavië-tribunaal is verbeterd, hoewel de Serviërs Ratko Mladić en Goran Hadžić – beiden aangeklaagd voor oorlogsmisdaden – voortvluchtig blijven. Met name Nederland is tegen een economisch en politiek samenwerkingsakkoord met Servië voordat de twee oorlogsmisdadigers zijn gearresteerd en aan het Joegoslavië-tribunaal zijn uitgeleverd.

Albanië
Dit land vroeg in april 2009 EU-lidmaatschap aan, maar de Europese Raad stelde de aanvraag pas te bekijken wanneer Albanië haar verkiezingsprocedure voltooid had. Sinds de nationale verkiezingen in juni 2009 beschuldigen de twee belangrijkste kandidaten – Sali Berisha en Edi Rama - elkaar van fraude. Bovendien moet Albanië vooruitgang boeken in de bestrijding van corruptie en de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht.

Montenegro
De Commissie eist “concrete resultaten” van het land dat vorig jaar EU-lidmaatschap aanvroeg. Montenegro moet laten zien dat het een rechtstaat wil zijn en vechten tegen corruptie.

Bosnië en Herzegovina
Volgens het rapport heeft het land “zeer geringe vooruitgang” geboekt. Het politieke klimaat verslechtert en het functioneren van de publieke instellingen wordt bedreigd, waardoor het land desintegratie nadert. Bovendien kan de EU de aanmelding van Bosnië en Herzegovina niet in overweging nemen zolang de internationale gemeenschap in het land aanwezig is.

Kosovo
Dit land, dat in februari 2008 de onafhankelijkheid uitriep, moet corruptie en georganiseerde misdaad bestrijden en de rechten van minderheden beschermen. Opvallend is het voorstel om de inwoners van Kosovo, dat nog niet door alle EU-landen als zelfstandig land wordt erkend, de mogelijkheid te geven om zonder visum door Europa te reizen, mits er aan strenge eisen wordt voldaan.