In Bulgarije is onlangs besloten dat de parlementsverkiezingen niet zullen samenvallen met die voor het EU- parlement. Daartegenover heeft een zeer nipte parlementaire meerderheid van de twee grootste regeringspartijen en enkele meelopers wel besloten voor combinaties van partijen de kiesdrempel te verhogen van 4 naar 8 %. Het is de vraag of deze wijziging stand houdt, want president Parvanov - oud-socialist, nu partijloos en altijd fervent behoeder van de democratische spelregels - kan hierover een veto uitspreken. In dat geval zouden de twee initiatiefnemende partijen daartegen weer bezwaar
Door Ton Puister, Bulgarije specialist.
Versnippering
Het begon allemaal zo mooi in 1989 toen na de val van het communistische regime in het land een brede oppositionele beweging ontstond, waarin vertegenwoordigers van vooroorlogse partijen plus enkele nieuwe elkaar vonden in één Unie van Democratische Krachten (SDS) en de strijd aanbonden tegen de Bulgaarse Socialistische Partij (BSP), erfopvolgster van de communisten. In het midden van de jaren ’90 kalfde die eenheid al af, maar een climax kwam in 2001 toen de uit ballingschap teruggekeerde tsaar Simeon met de liberaal getinte NDSV als “redder des vaderlands” de rol van de SDS overnam. In 2005 verloor de NDSV haar glans al weer, maar dat maakte de verdeeldheid tussen de oude rechtse partijen niet minder. Twee jaar later verergerde dit nog toen de charismatische burgemeester van Sofia de partij “Burgers voor een Europese Ontwikkeling van Bulgarije” (GERB) oprichtte. Hij haalde in dat jaar al even veel zetels in het Europese parlement als de BSP - en de oude oppositie zelfs niet één. De commotie hierover leidde tot vele veranderingen ter rechterzijde, soms in de vorm van nog een nieuwe partij, dan weer doordat kamerleden zich als onafhankelijk lieten registreren.
Inmiddels hebben elf daarvan de nieuwe fractie RZS gevormd, wat staat voor “Orde, Wet en Gerechtigheid”. In de tabel hieronder zijn de vele veranderingen sinds 2005 weergegeven; de partijen zijn daarin gerangschikt van socialistisch via (links-) liberaal en (gematigd) rechts naar nationalistisch - en tenslotte als “restpost” de onafhankelijken.
| Partij |
aug. 05 |
mrt. 08 |
jan. 09 |
mrt. 09 |
apr. 09 |
| BSP (regeringscoalitie) |
82 |
81 |
81 |
81 |
81 |
| DPS (regeringscoalitie) |
34 |
34 |
34 |
34 |
34 |
| NDSV (regeringscoalitie) |
53 |
35 |
35 |
35 |
35 |
| BND |
- |
17 |
16 |
15 |
15 |
| NS-BNS-Napred |
13 |
14 |
12 |
11 |
11 |
| RZS |
- |
- |
- |
- |
11 |
| ODS-SDS-DP |
20 |
16 |
18 |
11 |
11 |
| DSB |
17 |
16 |
16 |
13 |
13 |
| Ataka |
21 |
11 |
11 |
11 |
11 |
| Onafhankelijken |
- |
16 |
17 |
29 |
18 |
Het nieuwe speelveld
De peilingen zijn duidelijk: van de zittende partijen zullen alleen BSP, DPS en Ataka met zekerheid in de Kamer terug keren, terwijl nieuwkomer GERB van Sofia’s burgemeester Bojko Borisov er de grootste fractie zal worden. Omdat het er niet naar uitziet dat de NDSV en haar afvallige groepering BND weer vrede zullen sluiten, lijkt terugkeer van de een noch de ander waarschijnlijk. Dit ligt anders bij de vier rechts georiënteerde partijen Napred, RZS, ODS en DSB, die alle vier politici in hun midden hebben die uit de tijd van de oude verenigde oppositie (SDS) stammen. De enige kans om in het parlement te komen is dat zij (of enkelen onder hun) de krachten bundelen. Zo niet dan hangt het van het toeval af welke groeperingen de - inmiddels verhoogde - kiesdrempel zullen overschrijden. De peilingen geven daarbij een combinatie van SDS en DSB de meeste kans, maar animositeit tussen beider leiders maakt dit nog onzeker. Als daar overheen wordt gestapt en er geen andere krachtige coalities ontstaan, zal de samenstelling van het nieuwe parlement er ongeveer als volgt uitzien: GERB 90 zetels - BSP 70 - DPS 30 - Ataka 30 - ODS/DSB 20.