Lessen uit de Grote Depressie: de weg loopt via Europese samenwerking

30 maart 2009

De CPB-raming voor de economische groei in 2009 en 2010 is voor politiek Den Haag en verschillende media een reden geweest om vergelijkingen te maken met de Grote Depressie uit de jaren '30 van de vorige eeuw. Hoewel begrijpelijk is dit niet juist. Erger nog, de vergelijking lijkt een discussie over de te nemen maatregelen in de weg te staan, en zal eerder zelfs tot verkeerde conclusies leiden.

 

Door Peter Blasic, projectmanager Economische Ontwikkeling
 
In het jaar 1929, toen de wereld aan de vooravond van de Grote Depressie stond, stond Nederland nog te boek als een koloniale mogendheid. Indonesië, toen nog Nederlands Indië genaamd, droeg voor 13% bij aan het nationaal inkomen. Ook voor de buitenlandse handel was de voormalige kolonie een belangrijke partner. Circa 8% van de Nederlandse export en 5% van de import was met Indonesië. Indonesië was dan ook een belangrijkere handelspartner dan de VS. De grote invloed van Indonesië op de economische groei in Nederland, is echter niet het enige verschil tussen de situatie in 1929 en nu. In 1929 was nog geen sprake van regionale handelsblokken.
 
Buitenlandse handelspolitiek
Het voeren van een actieve handelspolitiek was één van de mogelijkheden die nationale overheden aangrepen om een weg uit de recessie te vinden. Een begrijpelijke en voor de hand liggende keuze. Doordat er evenwel geen bindende internationale afspraken over waren gemaakt, leidde dit vaak tot desastreuze gevolgen voor de buurlanden. Zo leidde de devaluatie van het Engelse pond in 1931 tot een dramatische terugval in de Nederlandse export naar Groot-Brittannië, toen na Duitsland de grootste handelspartner. Pas nadat Nederland de gulden in 1936 devalueerde, trok de handel met Groot-Brittannië weer aan. De handelsrelatie met Duitsland is niet alleen nu, maar tachtig jaar geleden ook al van groot belang voor de Nederlandse economie. In 1929 kwam 30% van de totale Nederlandse import uit Duitsland, en was het exportaandeel ruim 20%. Daarmee was Duitsland de belangrijkste handelspartner van Nederland. De politieke ontwikkelingen in Duitsland vanaf 1933 hadden dan ook grote negatieve gevolgen voor de Nederlandse handel, en daarmee voor de nationale economie.
 
Crisis maatregelen
De ervaringen uit de Grote Depressie leren ons dan ook een belangrijke les: zonder Europese samenwerking lukt het Nederland niet om een uitweg uit de recessie te vinden. Destijds werden door nationale regeringen, waaronder Nederland, politieke maatregelen genomen die door huidige politici wederom worden genoemd: monetaire-  handels- en loonpolitiek. Monetair via het verhogen van de geldcirculatie en renteaanpassingen; handelspolitiek door het devalueren van de nationale valuta; en loonpolitiek door het inperken van loonstijgingen.
 
Nieuwe situatie
Groot verschil met toen is echter dat Nederland nu onderdeel uitmaakt van de Europese Unie en de eurozone. Dit maakt individuele acties door lidstaten zoals Nederland nauwelijks mogelijk, of sorteert een ongewenst effect. Zo is het monetaire beleid en het wisselkoersbeleid van de euro ondergebracht bij de Europese Centrale Bank. En omdat wij onderdeel uitmaken van Schengen, levert een actieve loonpolitiek om de concurrentiepositie van het Nederlandse bedrijfsleven te verbeteren onvoldoende resultaten op. Door het vrije verkeer van personen binnen de Schengen landen, zullen met name de hoger opgeleide werknemers hun heil elders zoeken wanneer het Nederlandse kabinet besluit om de loonstijging voor de komende twee jaar op de nullijn te zetten. Het gevolg is een braindrain die samen met de aanhoudende vergrijzing het economisch herstel bemoeilijkt.
 
De oplossing
Er is dan ook maar één stimuleringsmaatregel die echt werkt, en dat is binnen de EU duidelijke én eensluidende afspraken te maken over de te volgen politieke koers. Met de Europese Parlementsverkiezingen op 4 juni a.s. voor de deur, moet dit bovenaan de agenda staan van iedere nationale politicus en elke landelijke en Europese politieke partij. Voor een belangrijke handelsnatie als Nederland, waarvan het bruto binnenlands product voor 80% wordt bepaald door de uitvoer en driekwart van deze uitvoer binnen de EU is, moet de Nederlandse regering voorop lopen in de discussie over een Europese aanpak van de recessie. Helaas gebeurt dit in onvoldoende mate, en blijven wij vooral zoeken naar nationale oplossingen. En dit is nu juist de verkeerde les trekken uit de Grote Depressie.