Kosovo één jaar na afscheiding

2 maart 2009

Precies een jaar geleden is het dat Kosovo zich onafhankelijk verklaarde van Servië. De feestelijke aangelegendheid voor de Kosovo-Albanezen werd op 17 februari 2009 uitgebreid gevierd, zowel binnen het parlement als door Albanezen die massaal de straten van Kosovo opgingen met vlaggen van Kosovo, Albanië en de Verenigde Staten. Toch lijkt de situatie minder glorieus dan die daadwerkelijk is.

 

Door Marianna Tsirelson, projectmedewerker AMS
 
Ondanks de vrees voor het uitbreken van geweld tussen de Servische minderheid - die met name in het noorden van Kosovo woont - en de Albanese meerderheid, is de stabiliteit redelijk goed bewaard gebleven gedurende het jaar. En hoewel dat op zich al heel wat is, moet er nog van alles veranderd worden aan de jonge staat, zowel binnen het land zelf als op internationaal vlak. Problemen die er aanvankelijk waren zijn tot op heden niet opgelost, zoals elektriciteit problemen, slechte infrastructuur, slechte economische ontwikkeling, veel armoede en een aanhoudende werkloosheid onder de bevolking (ongeveer 44%!). Daarnaast kampt de staat met georganiseerde misdaad en een hoog corruptieniveau binnen de publieke sector.
 
Minderhedenkwestie
Een andere kwestie is de situatie van de minderheden. Ondanks dat de regering na de onafhankelijkheid had beloofd zich in te zetten voor de Servische minderheid, is de relatie tussen de Albanezen en de Serven niet verbeterd en is er geen sprake van een multi-ethnische samenleving waarin alle minderheden gelijke rechten hebben. Serviërs leven vaak afgesloten in hun enclaves en hoewel ze beschermd worden door de troepen van de internationale gemeenschap, durven ze zich vaak niet eens te begeven in delen waar de Albanese meerderheid woont. Daarnaast blijven de Kosovo-Serviërs sterk gericht tot hun “eigen” instellingen, zoals de Servische gemeenteraden, en tot de regering in Belgrado.
 
Externe problemen
Naast interne moeilijkheden heeft Kosovo te kampen met factoren van buitenaf, die niet direct in haar voordeel werken. Zo is er de verdeeldheid in de EU, die tot nu toe niet in staat is geweest om het land unaniem als onafhankelijk te erkennen. Spanje, Griekenland, Cyprus, Roemenië en Slowakije weigeren de onafhankelijkheid te erkennen, mede door eigen interne afscheidingskwesties. En doordat het land erkend is door slechts 54 van de 192 Verenigde Naties lidstaten, worden ook de kansen bemoeilijkt op lidmaatschap van internationale organisaties. Ondanks de optimistische stemming van de ambassadeur van Kosovo in Brussel Ilir Dugolli, dat het land op den duur door de EU als geheel wordt erkend – wat op lange termijn kan leiden tot de toetreding tot de unie – vrezen analisten nu al voor een verdere isolatie van het land.
 
Onduidelijk toekomstbeeld
Welke wending de situatie vanaf hier zal aannemen is onduidelijk. De aanklacht van Servië bij het Internationaal Gerechtshof met betrekking tot de rechtsgeldigheid van Kosovo’s onafhankelijkheidsverklaring, en de oprichting van Kosovo’s veiligheidsmacht van afgelopen januari, zouden bij kunnen dragen aan een onrustige periode in de aankomende tijd. Dit laatste omdat het leger van Kosovo sterk wordt bestreden door Servië, aangezien het een bedreiging vormt voor de nationale veiligheid en de veiligheid binnen de hele regio. Een ding is duidelijk: het land heeft cruciale sociale, economische en insitutionele hervormingen nodig en een effectief minderhedenbeleid om er een leefbare maatschappij van te maken en haar EU idealen te realiseren.