Monsterregeringscoalitie in Roemenie

2 februari 2009

De verkiezingen eind november in Roemenie kenden een zeer lage opkomst. Maar 40% van het electoraat kwam opdagen. De Roemenen hebben met deze verkiezingen officieel gemaakt wat ze al jaren via opiniepeilingen laten blijken. Ze hebben het vertrouwen in hun politici volledig verloren en zien geen heil meer in het vervullen van hun democratische rechten.

 

Door Dennis van Peppen, Roemenië expert
 
Toch moest er een regering gevormd worden. De PSD en PD-L kregen ongeveer evenveel stemmen (33%). De liberale PNL zat daar een stuk onder (18%), net als de Hongaarse minderheidspartij die gewoontegetrouw net de kiesdrempel haalde met 5% van de stemmen. Extreem rechts haalde die kiesdrempel niet en zal dus niet in het parlement terugkeren.
 
De PD-L wilde graag de in 2005 uit elkaar gebarsten Alianta D-A, de coalitie tussen de toenmalige PD en de PNL, nieuw leven in blazen. Maar de PNL wilde daar niet aan meewerken. Dus waren de aartsvijanden PD-L en PSD tot elkaar aangewezen om een meerderheidsregering te vormen. Hoogverraad voor velen die in 2004 op de Alianta D.A. en Basescu hadden gestemd, daarmee hopend en rekenend op een breuk met het recente postcommunistische verleden.
 
Beoogd premier zou voormalig premier, PD-L topstuk en voormalig Wereldbankmedewerker Theodor Stolojan worden. Maar rond hem speelde zich een koningsdrama af. Hij deed op het laatste moment onverwacht afstand van het premierschap, daarmee politiek Roemenie in rep en roer zettende. Als zijn vervanger werd halsoverkop PD-L kopman en burgemeester van Cluj, Emil Boc aangewezen.
 
Al met al geen goede voorbode en start voor een nieuwe regering die zich geconfronteerd ziet met een ernstige economische crisis. Er is sprake van een sterk teruglopende economische groei en een plotseling zeer groot begrotingstekort. Ze erft een verkeerd getimed expansief begrotingsbeleid van de vorige regering. Er zijn door de vorige regering beloftes gedaan om de pensioenen en de lerarensalarissen te verhogen. Daar is eigenlijk geen geld voor. Lenen op de internationale kredietmarkten voor  een transitieland als Roemenie is erg lastig geworden.
 
Aanvullende complicerende factoren voor de nieuwe regering zijn een gekelderde ontroerend goedmarkt, een depreciërende Roemeense lei, een banksector dat wordt gedomineerd door West-Europese banken die de kredietlijnen  naar hun Roemeense dochters afsluiten en een economie die voor een groot deel is gebaseerd op outsourcing en maakindustrieën zoals auto’s en staal, industrieën die zwaar te lijden hebben onder de economische crisis.
 
Daarnaast heeft Roemenie nog steeds de intense aandacht van de Europese Commissie op de corruptie en justitiedossiers. Of de nieuwe regering hieraan kan ontsnappen valt sterk te betwijfelen. De politieke wil om corruptie aan te pakken en justitie te hervormen ontbreekt nog steeds. Eén van de eerste stappen van de nieuwe regering was het terugdraaien van bestuurlijke hervormingen tot stand gekomen in 2004 onder druk van Brussel. Het Roemeense provinciale bestuur is wederom volledig gepolitiseerd. Een goede indicatie van wat nog komen gaat.